Verbazing over 'bizarre' statistiek voor Unnerstall: "Dit valt mij tegen"
In dit artikel:
FC Twente hield dit seizoen nog geen enkele keer de nul, maar staat niet bovenaan de lijst van clubs die veel tegengoals slikken: alleen Feyenoord (6), Ajax en FC Utrecht (beiden 10) kregen tot nu toe meer doelpunten tegen. Desondanks valt vooral één statistiek op: keeper Lars Unnerstall heeft dit seizoen het laagste reddingspercentage van alle Eredivisie‑keepers en volgens het cijfermateriaal had hij 2,2 doelpunten meer kunnen voorkomen — een gedeelde laatste plek met Andries Noppert op de ranglijst ‘goals voorkomen’.
Voormalig doelman René Wagelaar verdedigt Unnerstall in 1Twente VoetbalTijd en vindt de cijfers misleidend. Hij wijst op opvallende reddingen die Unnerstall wél heeft gemaakt en wijst de schuld deels naar veldspelers: bij de tegengoal tegen Heracles nam Vítor van Wolfswinkel volgens hem niet het juiste duelkrachtige optreden, terwijl ook Alexander Laukart/Bruns (vermeld als betrokken verdediger) bij die situatie aanwezig waren. Oud-scheidsrechter Roelof Luinge benadrukt dat zulke statistieken voorzichtig geïnterpreteerd moeten worden en noemt vergelijkingen zoals die van Joël Drommel en Sparta om te laten zien dat teamcontext en verdedigingskwaliteit sterk meewegen.
Opvallend is dat Unnerstall, 35, jarenlang hoog eindigde in dit soort metrics; de huidige positie roept de vraag op of het gaat om een vormdip, pech of een scheve defensieve ondersteuning.